






Paniek bij het aangaan van een relatie
Brenda ervaart een grote weerstand wanneer ze met een man een relatie aangaat. Ook nu weer in haar huidige relatie. Wanneer ze echt beiden voor elkaar kiezen, wil ze het liefst zo hard mogelijk wegrennen. Terwijl ze heel veel van hem houdt.
We beginnen de sessie met het verzamelen van de ladingen die met de ervaring samenhangen. We roepen de laatste keer dat ze de weerstand ervoer in herinnering. Het was vorige week. Zij en haar vriend zouden helemaal voor elkaar gaan. Een sprong in het diepe. En dan: een grote bal in haar maagstreek, gepaard gaande met angst, weg willen rennen, paniek en onmacht.
Ik vraag Brenda in haar voorstellingswereld te gaan naar een ruimte waar ze zich goed voelt. Een bestaande ruimte, liefst met vier muren en een deur. Brenda kiest haar woonkamer en gaat daar op een bank zitten met uitzicht op de deur. Ik instrueer Brenda naar de deur te kijken. 'Deze gaat open en de eigenaar van de gevoelens van onmacht en paniek komt nu binnen. Wie of wat komt er binnen?' Brenda ziet niks, maar ze ervaart een man. Als ze daar even met haar aandacht bij blijft ziet ze de man. Ze nodigt hem uit te gaan zitten. Zijn ogen kan ze niet zien. Wanneer is hij bij haar komen hangen? In 17 zoveel. En waarom? Daar komt geen antwoord op. Alleen dat hij hartenpijn heeft, en heel veel verdriet.
We gaan terug naar zijn leven in 17 zoveel. Hij komt uit de voordeur van zijn huis. In paniek rent hij weg. Nergens heen, als het maar weg is. De reden blijkt dat hij met de verkeerde vrouw is getrouwd. Uit een gevoel van 'zo hoort het nu eenmaal'. Als ze getrouwd zijn en samen twee kinderen hebben, ontmoet hij de liefde van zijn leven. Hij voelt zich verscheurd. Toen hij met zijn vrouw trouwde heeft hij zijn gevoelens verloochend. Hij wist heel goed dat zij de ware niet was. Als hij de voordeur van zijn huis uitrent is dat omdat hij stikt in de situatie, hij wil weg. Blinde paniek Met de vrouw van wie hij houdt heeft hij nooit iets gehad. Dat hoorde niet. Als hij sterft is hij blij dat zijn leven erop zit. En hij is erg verdrietig over zijn mislukte leven.
Als we met hem teruggaan naar de woonkamer van Brenda, blijkt hij het als zijn grootste fout te beschouwen dat hij anderen pijn heeft gedaan: zijn vrouw en kinderen. Hij maakt het in de sessie goed met hen, maar er blijft iets knagen. Hij kan het gevoel niet loslaten dat hij zichzelf schuldig moet blijven voelen, om niet nog eens in een dergelijke situatie te belanden. Niet zozeer uit zelfbestraffing als wel uit zelfbescherming.
De man voelt voor Brenda niet als een vorig leven. Als we de situatie verder onderzoeken blijkt zij zich te identificeren met de vrouw waarop hij ooit zo hevig verliefd was. Hij is bij haar komen hangen na zijn dood. Beiden kunnen elkaar niet loslaten. Ook zij blijft in haar gevoelens naar hem toe hangen, de reden blijft onduidelijk. En zo hangt hij bij haar, tot op de dag van vandaag.
Als Brenda afscheid van hen neemt blijft dat onbevredigende gevoel. Het is niet af. We checken even hoe ver we zijn door een toekomstige situatie voor te stellen, waarin ze voor haar vriend gaat en helemaal voor hem kiest. Van de oorspronkelijke ladingen zit er nog van alles, de problemen zijn echt nog niet weg. Ze is moedeloos. Geen stap verder.
Als we de belangrijkste oorzaak binnen vragen van de reden waarom de beide geliefden elkaar niet los kunnen laten, komt er een duiveltje binnen. Brenda moet om hem lachen. Hij is van het kaliber 'Monsters en co'. Ik vraag Brenda het duiveltje zijn oorspronkelijke vorm te laten aannemen. Het is een kind, een jaar of tien. Geboren uit de liefde van de man en de vrouw die Brenda in een vorig leven was. We vragen deze vrouw weer in de woonkamer van Brenda binnen. Ze heeft haar geliefde nooit gezegd dat ze een kind van hem heeft. We vragen de man binnen. Hij is trots als een pauw als hij zijn zoon ziet. Brenda straalt. Wat voelt ze een opluchting! Het blijkt dat er toch wel even aan de liefde is toegegeven. Maar dat was geheim gebleven, evenals het kind dat uit de liefde was geboren. De man en zijn geliefde en hun kind gaan met z'n drieën weg. Er is geen plakkerige band meer tussen hen. Wel stromende liefde. Brenda ligt te stralen op de therapiebank. Wat is ze blij! Als we opnieuw checken hoe het is om haar vriend te zien en voor elkaar te gaan voelt ze geen enkele weerstand meer.
Enkele weken later krijg ik de volgende mail van haar: een paar weken geleden was
ik bij jou voor een sessie en heb beloofd nog iets van me te laten horen, hoe het
nu verder gaat. Nou, het gaat goed :-
Ik heb het gevoel dat de kern van mijn probleem
echt weg is, de paniekaanvallen, niet in een relatie kunnen zijn e.d. Soms komt het
nog een beetje terug, maar dan kan ik het goed voorbij laten gaan, en ik heb het
idee dat het er op die manier gewoon uitgroeit, steeds iets minder vaak, steeds iets
minder heftig, totdat het gewoon wegblijft. Dankjewel dus, voor je hulp, ik ben heel
erg blij dat ik weer lekker vrolijk kan zijn!
